Digitale hulpmiddelen in de allergie- en ademhalingszorg
De patiëntenzorg op het gebied van allergieën en ademhalingswegen ontwikkelt zich snel en biedt mogelijkheden voor de integratie van diverse digitale hulpmiddelen die gericht zijn op het verbeteren van de zorgresultaten. De beperkte toegang tot verschillende zorginstellingen tijdens de COVID-19-pandemie heeft de behoefte aan en de bereidheid tot het gebruik van e-health-tools onder eindgebruikers aanzienlijk vergroot. Als gevolg hiervan is er wereldwijd een veelvoud aan verschillende e-health-tools gelanceerd met uiteenlopende registratie- en toegangsopties, en met een breed scala aan aangeboden voordelen. Vanuit het perspectief van zowel patiënten als zorgverleners, evenals vanuit juridisch en apparaatgerelateerd oogpunt, zijn verschillende kenmerken van belang voor de acceptatie, effectiviteit en het langdurig gebruik van e-health-tools. Patiënten en artsen hebben verschillende behoeften en verwachtingen over hoe digitale hulpmiddelen kunnen bijdragen aan het zorgtraject. Er is behoefte aan standaardisatie door het definiëren van criteria voor kwaliteitsborging. Daarom heeft de Upper Airway Diseases Committee van de World Allergy Organization (WAO) het initiatief genomen om criteria te definiëren en voor te stellen voor de kwaliteit, aantrekkelijkheid en toepasbaarheid van e-health-tools in de allergie- en ademhalingszorg vanuit het perspectief van de patiënt, de clinicus en de academicus, met als uiteindelijk doel de gezondheid van de patiënt en de zorgresultaten te verbeteren.
Co-auteurs: Elisabeth Verhoeven, Philip Rouadi, Eliane Abou Jaoude, Mohamed Abouzakouk, Ignacio Ansotegui, Mona Al-Ahmad, Maryam Ali Al-Nesf, Cecilio Azar, Sami Bahna, Lyda Cuervo-Pardo, Zuzana Diamant, Habib Douagui, R. Maximiliano Gómez, Sandra González Díaz, Joseph K. Han, Samar Idriss, Carla Irani, Marilyn Karam, Ludger Klimek, Talal Nsouli, Glenis Scadding, Brent Senior, Pete Smith, Anahí Yáñez, Fares Zaitoun en Peter W. Hellings

